|
De ISO-waarde was oorspronkelijk een maat voor de lichtgevoeligheid
van filmmateriaal.
Bij een digitale camera is de ISO-waarde bepalend voor de grenswaarde
waarmee de sensor een fotocel licht laat registreren en welke versterking van het signaal
wordt toegepast.
Het geeft de gevoeligheid van de sensor aan.
Hoe hoger de ISO-waarde ingesteld is hoe minder licht de sensor nodig
heeft om een het beeld goed belicht vast te leggen. Hoge ISO-waarden zijn dus geschikt
voor het vastleggen van bewegende onderwerpen of tijdens mindere licht condities.
De ISO-waarde verdubbelt per stap, 50, 100, 200 tot wel 6400.
In de automaatstand van de camera bepaalt de camera de beste ISO
instelling afhankelijk van het ingestelde programma.

Figuur 30
ISO-waarden bij
automaatinstelling
In de creatieve standen van de camera kan de ISO-waarde zelf worden
ingesteld.
Tijdens het instellen is de ISO-waarde zichtbaar op het LCD-scherm.
Naarmate de ISO-waarde hoger wordt
ingesteld neemt de kans op ruis toe.
Dit geldt ook voor langere
sluitertijden. Tevens geldt dat er een verschuiving in de kleur kan optreden bij hoge
temperaturen, hoge ISO-waarden en lange belichtingstijden.
Deze ruis veroorzaakt een neveneffect namelijk dat de hoeveelheid
pixels die moeten worden opgeslagen toeneemt.

Figuur 31
ISO instellen
|